Jochem

Het was begin augustus op Sportpark De Ebbenhorst. Sparta Nijkerk en Spakenburg speelden ter voorbereiding op het seizoen 2014-2015 een doordeweekse oefenwedstrijd. Ik stond met mijn maatje Tijmen Beekhuis en Melrik Beukers na te praten over het oefenpotje. Vervolgens kwam Jochem Twisker bij ons staan. In tegenstelling tot Tijmen en Melrik kende de Blauwe hoofdtrainer mij niet dus stelde hij zich aan mij voor. Vervolgens ging het gesprek over veel voetbalinhoudelijke zaken. Het oorspronkelijke taalgebruik van Jochem Twisker viel mij meteen weer op. Ook als hij geïnterviewd werd slaagde hij er altijd weer in om realistische en oprechte antwoorden te geven. In duidelijke bewoordingen, ontdaan van trainersjargon, straattaal of eindeloos uitgemolken clichés.
Ik kon niet echt veel toevoegen aan de discussie. Mijn kennis en ervaring over het voetbalspel steken nogal schril af bij voetbaldieren als Tijmen en Melrik. Maar dat maakte mij niet uit want ik kon wel genieten van het gesprek en de inzichten die deze drie heren met elkaar deelden.
Een paar weken later verliet ik, na het bekijken van een wedstrijdje van mijn zoon, De Westmaat. Bij het ingangshek liep ik Jochem Twisker tegemoet. Ik keek hem aan en gaf een knikje. Hij beantwoordde het knikje en zei ‘hallo Hille’. Ik was positief verrast. Hij wist mijn naam nog.

Aan dit voorval moest ik terugdenken toen bekend werd dat Jochem Twisker had toegezegd om samen met Chris de Graaf ons vlaggenschip te gaan leiden. Uiteraard was ik blij met deze toezegging want de voormalige trainer van enkele jeugdselecties, het 2e en het 1e elftal was in de 8 jaar dat hij actief was voor Spakenburg uitgegroeid tot een echte Blauwe. Een vriendelijke, beschaafde en intelligente clubman die als geen ander begrijpt dat niemand groter is dan de club. En daarom kost het hem nu geen enkele moeite om Chris de Graaf naar voren te schuiven en zelf als mentor op de achtergrond te blijven. Een clubman die dankzij zijn kennis en ervaring het advies gaf om Youri Koelewijn centraal in de verdediging te posteren. Youri had in de jeugd enkele jaren op die positie gespeeld. En dat wist Jochem uiteraard nog. Ik was wederom positief verrast.

 

CHRIS EN ROB

Het was op een late vrijdagavond, zo’n 16 of 17 jaar geleden. Ik was in die tijd eens per maand portier, het woord uitsmijter past niet bij mijn postuur, bij The Stack, het inmiddels ter ziele gegane interkerkelijk ontmoetingscentrum voor de jeugd van Bunschoten-Spakenburg.
Tegen sluitingstijd stonden er plots 4 jonge gasten voor de deur. Ik herkende er twee; Chris de Graaf en Rob van Diermen. Beide heren herkenden mij ook. Rob sprak mij aan en vroeg of het mogelijk was om nog een afzakkertje met zijn vrienden te drinken. ‘Ze komen uit Amsterdam’ voegde Chris eraan toe. Ik liet het vrolijke kwartet binnen en ving de opmerking ‘dankjewel Blauwe krijger’ nog in het voorbijgaan op.
Een klein uurtje later werd de bar leeg geveegd. Ook Chris, Rob en hun twee gasten moesten eraan geloven. Het viel mij op dat beide Blauwe talenten de verhalen van de hoofdstedelingen razend interessant vonden. Het ging uiteraard over voetbal, over AJAX en over Amsterdamse branie. Bij het verlaten van het pand vroeg Chris nog maar eens een keer ten overvloede of ik wel wist waar hun maatjes vandaan kwamen. Ik keek het vrolijke viertal na, langzaam verdwijnend in de nacht. Rob en Chris, met twee Amsterdammers er tussenin, schouder aan schouder. Het was een mooi beeld.

Aan dit voorval moest ik terugdenken toen bekend werd dat Chris de Graaf had toegezegd om samen met Jochem Twisker ons vlaggenschip te gaan leiden. Na die gezellige vrijdagavond liepen de sportieve wegen van Chris en Rob eerst nog redelijk parallel. Rob moest vanwege een onwillige knie als eerste z’n voetbalschoenen aan de wilgen hangen. Daarna volgden er jaren als coach en trainer. Bij diverse Blauwe jeugdteams en vervolgens ook bij Zuidvogels in Huizen om daarna bij Spakenburg terug te keren. Laatste klus; assistent trainer onder Erik Meijers.
Chris hield het wat langer vol als voetballer en verkaste zelfs in de herfst van z’n carrière naar Eemdijk. Tussendoor was hij ook bezig met het trainen en coachen van diverse Blauwe jeugdelftallen. Hij schopte het uiteindelijk tot assistent-trainer bij het eerste onder John de Wolf. De rest is bekend; twee wedstrijden interim hoofdtrainer om vervolgens via Eemdijk weer bij onze club terecht te komen als stagiair.
Tot vorige week zaterdag. Toen zat Chris weer op de bank. Bij het eerste. Met Jochem. En met Rob. En met een vleugje Amsterdamse branie. Hun sportieve wegen liepen weer parallel en kwamen samen voor de Blauwe dug-out. Daar zaten ze, met Jochem er tussenin, schouder aan schouder. Het was wederom een mooi beeld.

 

ZEGER

Vorige week zondag was ons erelid Zeger Nieuwboer jarig. De kranige senior werd net zo oud als onze club. Van harte met je 90e verjaardag Zeger!
De dag vóór z’n verjaardag zag ik hem nog. Het was na afloop van de gewonnen wedstrijd tegen Noordwijk. Met bewondering keek ik hoe hij zich rustig en soepel bewoog richting kantine. Op dat moment besefte ik mij dat ik dit voorval op mijn netvlies moest branden. Het lijkt al vele jaren de normaalste zaak van de wereld maar dat is het natuurlijk niet. Want het is uitzonderlijk dat dit Blauwe icoon van 90 jaar zich nog wekelijks tussen de verschillende generaties van onze club begeeft.
Langzaam en onopvallend verdween hij in de Blauwe menigte. Zoals zo vaak. Het was wederom een mooi beeld. Ik hoop dat het nog lang een vertrouwd beeld blijft.

Hille Beekhuis